Toekomst voor onze kinderen

De ChristenUnie/SGP wil dat Den Haag een stad is, waarin gezinnen en kinderen een toekomst hebben. Waarin alle generaties op een goede manier kunnen leven, werken en wonen en dat kunnen blijven doen. Dat betekent dat Den Haag een aantrekkelijke woonstad moet blijven, niet alleen voor jongeren en alleenstaanden, maar ook voor ouderen en gezinnen. Niet alleen voor arm en rijk, maar zeker ook voor mensen met een middeninkomen. Met betaalbare woningen, goed onderwijs en ruimte om te spelen en te studeren. Dat gaat allemaal niet vanzelf in een groeiende stad, waar de woningen steeds duurder en de verschillen tussen wijken eerder groter dan kleiner worden. De ChristenUnie/SGP maakt heldere keuzes om dat perspectief dichterbij te brengen. Voor de toekomst van onze kinderen.

3.1 Aantrekkelijke woonstad

Den Haag moet een aantrekkelijke woonstad blijven voor iedereen: alleenstaanden, studenten, ouderen, expats en gezinnen. De ChristenUnie/SGP streeft er daarom naar een goed evenwicht te krijgen tussen de verschillende type woningen en de prijs daarvan. Met name voor de (lagere) middeninkomens is het nu moeilijk om een plekje in de stad te houden of te krijgen. Daarom moeten we, gezien de verwachte groei (tot ca. 638.000 inwoners in 2040), sturen op het toevoegen van betaalbare kwaliteit aan onze stad, willen we een evenwichtige en goed gemixte stad blijven/worden. Daarbij is het de ChristenUnie/SGP overigens allerminst om de groei van de stad te doen, maar om de leefbaarheid van de stad voor allen, om kwetsbare wijken recht te doen en om het behoud van gezinnen/de middenklasse.

Aantrekkelijke woonstad voor iedereen. Den Haag moet een diverse stad blijven, waarin iedereen kan wonen, met de middeninkomens als ruggengraat. Dat betekent dat we betaalbare kwaliteit aan onze stad toevoegen. Dat wordt het uitgangspunt voor het nieuwe woningbouwbeleid. Daarom worden er meer betaalbare middeldure woningen gebouwd, zodat bijvoorbeeld gezinnen de kans hebben om in de stad een goede woning te vinden.

Gezinnen als cement van de samenleving. Om gezinnen in de stad te houden moeten er voldoende betaalbare woningen voor hen zijn. Gezinswoningen bouwen is meer dan alleen bouwen met genoeg vierkante meter voor meerdere personen. Daarom moet er beter worden gekeken naar behoeften van gezinnen en het aanbod daar in overleg met corporaties en ontwikkelaars op worden aangepast.

Stedelijk wonen voor gezinnen. Er komt een innovatieprogramma dat nieuwe woonvormen stimuleert voor gezinnen. Te denken valt aan wonen in hoge dichtheden, mét veel buitenruimte, een veilige en fietsvriendelijke woonomgeving en veel groen. 

Beschermen van leefbaarheid en woningvoorraad. De afgelopen jaren zijn er in oudere stadswijken zoals Regentesse- en Valkenboskwartier veel woningen gesplitst in meerdere appartementen. De leefbaarheid staat daardoor steeds verder onder druk. Om onze woningvoorraad en de leefbaarheid te beschermen komt er een verbod op het bouwkundig splitsen van woningen. Zo blijven er bovendien meer gezinswoningen behouden.  Waar nodig worden er beperkingen gesteld aan kamerverhuur.

Sociaal wonen op het zand. We houden vast aan de doelstelling dat 30% van de nieuwbouw uit sociale huurwoningen bestaat, maar deze woningen worden beter verspreid over de stad. Minder op het veen, meer op het zand. Daartoe komt er een wijkontwikkelingsmaatschappij voor het zand, die daar sociale huurwoningen gaat bouwen. Ook omliggende gemeenten met een lager aandeel sociale huurwoningen, zoals Leidschendam-Voorburg en het Westland, zullen hun steentje bij moeten dragen. Het is niet sociaal de wijken op het veen de lasten te laten dragen van de rest van de stad en de regio.

Evenwichtige woonwijken. Wijken met een eenzijdig woningaanbod, zoals Moerwijk, Bouwlust, Mariahoeve en de Schilderswijk, moeten voor een breder publiek aantrekkelijker worden. De herstructurering die tijdens de crisis in deze wijken is stilgevallen, wordt weer opgepakt. Daarbij is nadrukkelijk aandacht voor het voorkomen van vocht- en schimmel-problematiek. Voor de sociale huurwoningen die verdwijnen, worden deels middeldure huur- en koopwoningen teruggebouwd.   

Inkomenseis voor kwetsbare wijken. Mensen die nog niet of korter dan zes jaar in de Haagse regio wonen, krijgen op grond van de Wet bijzondere maatregelen grootstedelijke problematiek (Rotterdamwet) alleen een huisvestingsvergunning voor kwetsbare wijken als zij economisch zelfstandig zijn en inkomen uit werk hebben boven de bijstandsnorm.

Geen hoogbouw langs de kust, wel bij de stations. De ChristenUnie/SGP is in grote delen van de stad terughoudend met grootschalige hoogbouw, maar gelet op de groei van de stad en de wens ook ruimte te houden voor nieuwe eengezinswoningen, moeten we ook de lucht in. Hoogbouw concentreren we rond de stations Den Haag CS, HS en Beatrixkwartier. En dat mag écht hoog worden. Laat de eerste woontoren van meer dan 200 meter maar gebouwd worden de komende periode. Het moet dan wel hoogbouw met kwaliteit zijn, die iets waardevols toevoegt aan de Haagse skyline en tegelijk met aandacht voor de laag op straatniveau. Daarnaast onderzoeken we of het mogelijk is het spoor en een deel van de Utrechtsebaan te overkluizen. Met name de young urban professionals zouden in dit gebied een woonplek kunnen vinden. Aan de kust komt géén hoogbouw.

Meeliften op stadsontwikkeling. Bij grote stadsontwikkelingen wordt er gekeken of omliggende wijken kunnen worden meegenomen in de ontwikkeling. Zo wordt bijvoorbeeld bij de stadsontwikkeling op de Binckhorst ook Molenwijk meegenomen. Langs de Trekvliet kunnen mooie woontorens worden gerealiseerd, waardoor dit deel van Laak een boost kan krijgen.  

Ontwikkeling Lozerlaan. De Lozerlaan wordt ondertunneld. Daarbovenop wordt er een nieuwe woonwijk ontwikkeld met een goede mix van verschillende woningtypen en prijzen, waarin expliciet aandacht komt voor gezinnen. De wijk wordt kindvriendelijk ingericht.

Urgentieverklaring voor prostituees die willen uitstappen. Vrouwen (en mannen) die uit de prostitutie willen stappen krijgen een urgentieverklaring, ongeacht of ze in de noodopvang verblijven of niet. 

Help daklozen aan een dak. We willen voorkomen dat mensen met een daklozen-uitkering van het kastje naar de muur worden gestuurd als ze een woning zoeken. Voor een huurwoning is voldoende inkomen (uitkering) nodig, maar om een hogere uitkering te krijgen moeten doorstromers uit de maatschappelijke opvang een huurcontract overleggen. Er komt daarom een pact tussen de sociale dienst en woningcorporaties. 

Statushouders. Bij het zoeken van woningen voor statushouders kijkt de gemeente eerst zelf of een passende woonruimte kan worden geregeld, pas daarna wordt middels een urgentieverklaring een beroep gedaan op de sociale woningvoorraad.

Mantelzorgwoningen. De ontwikkeling van mantelzorgwoningen wordt gestimuleerd.

Levenslang in je eigen stadsdeel. De ChristenUnie/SGP wil bevorderen dat mensen die dat willen in alle levensfasen in hun stadsdeel kunnen blijven wonen. Scheveningers in Scheveningen en Loosduiners in Loosduinen, etc. Bij toewijzing van woningen wordt daar rekening mee gehouden. 

Van erfpachter naar grondeigenaar. Het moet in de gehele stad mogelijk worden om grondeigenaar te worden. Dit geldt niet alleen voor woningeigenaren, maar ook voor ondernemers.

3.2 Goed onderwijs

Ieder mens heeft gaven en talenten. De ChristenUnie/SGP vindt het belangrijk dat iedereen gelijke kansen krijgt om die gaven en talenten tot bloei te laten komen, zowel voor kinderen als volwassenen.

Pal voor de vrijheid van onderwijs. De ChristenUnie/SGP hecht veel belang aan het bijzonder onderwijs in Den Haag. Ouders moeten de ruimte hebben om te kiezen voor een school die bij hun levensovertuiging past. Ouders krijgen goede informatie over scholen in de buurt en in de stad, zodat zij een eigen keuze kunnen maken voor hun kinderen.  Voorwaarde voor elke school, openbaar of bijzonder, is dat er kwalitatief goed onderwijs wordt gegeven.

Iedereen gelijke kansen; geen postcodeloterij. We willen voorkomen dat kinderen die opgroeien in gezinnen in een achterstandspositie, zelf automatisch in diezelfde achterstandspositie terecht komen. Er zijn geen postcodeselecties of afspraken tussen het voortgezet onderwijs en basisscholen om de toegang van een bepaalde groep leerlingen te bevorderen. Huiswerkbegeleiding en coaching worden tegen een zo laag mogelijke vergoeding aangeboden op alle middelbare scholen. Jongeren moeten een vervolgopleiding kunnen kiezen die het beste past bij hun talenten, niet wat het beste past bij de portemonnee van hun ouders. Via armoederegelingen is hier aandacht voor. 

Ouders zijn belangrijk voor geslaagd onderwijs. Ouders zijn niet alleen belangrijk als vrijwilligers op school, maar vooral ook belangrijk door een veilig en stimulerend thuis te bieden voor de ontwikkeling van het kind. Er wordt niet bezuinigd op ouderbetrokkenheid. Scholen worden gestimuleerd hier actief mee aan de slag te zijn.

Voor elke klas een leerkracht. Goed onderwijs staat of valt met goede docenten. Er komt een actieplan om het lerarentekort terug te dringen. Om meer studenten naar de PABO te krijgen worden leerlingen in het voortgezet onderwijs middels snuffelstages en profielwerkstukken geïnteresseerd voor het onderwijsvak. De gemeente nodigt PABO’s - zeker ook buiten Den Haag, bijvoorbeeld in krimpregio’s - uit om gastlessen en stages te organiseren.

Kerels voor de klas. Het aandeel mannelijke leraren in het basisonderwijs is de afgelopen twintig jaar gehalveerd. In het actieplan lerarentekort komt daarom speciale aandacht voor weer meer ‘kerels voor de klas’, om zo het Haagse basisonderwijs specifiek voor mannelijke leerkrachten aantrekkelijk te maken. We stimuleren hij-instromers.

Geen gepest in Den Haag. Gemeente en scholen werken samen aan een goed anti-pestbeleid, om te voorkomen dat kinderen op school of in de stad worden gepest.

Iedereen zet zijn talent in. Niet iedereen zit op school op zijn plek. Voor de jongeren die beter tot hun recht komen op de werkvloer zijn leerwerkbedrijven een uitkomst. Persoonlijke begeleiding op het gebied van vakbekwaamheid en persoonlijke ontwikkeling brengt het beste in deze jongeren naar boven. Bekostiging van deze leerwerktrajecten moet voor de sociaal ondernemers gemakkelijk vindbaar en toegankelijk zijn.

Niemand verlaat vroegtijdig het onderwijs. Het aantal jongeren dat vroegtijdig school verlaat (VSV) is de laatste jaren afgenomen. We vervolgen deze trend door een goede, integrale aanpak om deze jongeren snel van een leerwerkplek, VSV-traject, nieuwe opleiding of baan te voorzien. Het aantal VSV-casemanagers wordt verhoogd, zodat de werkdruk voor verzuimmanagers lager wordt. Er komt een samenwerking met preventie-initiatieven, zoals Cl!ck Jongeren. Zij staan dichtbij de belevingswereld van uitvallers.

Een startkwalificatie voor iedereen. Jongeren die nog geen startkwalificatie hebben worden tot hun 23e actief benaderd door leerplichtambtenaren. Een brief sturen volstaat niet, ze spreken af met de jongere op een locatie bij de jongere in de buurt.

Vluchtelingstudenten krijgen een kans. Een vluchtelingstudent moet kansen krijgen om de studie af te maken of missende componenten in de diploma's aan te vullen. Om dit mogelijk te maken werken het volwassenen- en taalonderwijs van ROC Mondriaan, de Haagse Hogeschool, het UAF en andere betrokkenen nauw samen. Als er (nog) geen studiefinanciering is, dan is studeren met een uitkering mogelijk.

Ambachtsschool 2.0.  Onderwijsprogramma’s, waarin voorbereidend en middelbaar beroepsonderwijs samenwerken, worden verder gestimuleerd, evenals de oprichting van ambachtelijke vakscholen.

Iedereen gymt. De gemeente faciliteert scholen bij het geven van bewegingsonderwijs, ook als scholen meer bewegingsonderwijs willen aanbieden dan de wettelijke norm voorschrijft.

Niemand verlaat de basisschool zonder zwemdiploma. Daar hebben we een waterdicht systeem voor in Den Haag. Zwemles in groep 5 is voor veel kinderen laat. Daarom worden de zwemlessen voortaan aan de groepen 4 gegeven.

Onderwijs en zorg samen. Met passend onderwijs en veranderingen in de jeugdhulp hoeft geen kind meer thuis te zitten. Onderwijs en jeugdhulp moeten intensief samenwerken om thuiszitten te voorkomen en complexe situaties het hoofd te bieden. Dit doen we onder andere door sociaal-maatschappelijk werkers op scholen.

Aansluiting school-arbeidsmarkt. De gemeente zet binnen de arbeidsmarktregio in op een nog betere aansluiting van het onderwijs, overheid en het bedrijfsleven in gemeente Den Haag. Hierbij is vooral aandacht voor arbeidsmarkt-relevante vmbo- en mbo-opleidingen. De gemeente geeft zelf het goede voorbeeld en zorgt voor voldoende stageplaatsen voor mbo-studenten van relevante opleidingen.

Pak laaggeletterdheid aan. Er komen middelen voor de bestrijding van laaggeletterdheid. Bij de formulering van een aanpak wordt gekeken hoe het bereik van buurtinitiatieven kan worden vergroot, bijvoorbeeld met behulp van bibliotheken.

Goede onderwijshuisvesting. Bij huisvesting van onderwijs is aandacht voor duurzaamheid, groene schoolpleinen en een goed binnenklimaat. De gemeenten helpt scholen vaart te zetten achter de uitvoering van nieuwbouwplannen.

Geen schoolgeld naar parkeren. In steeds meer delen van de stad is het overdag betaald parkeren. Om scholen tegemoet te komen in de parkeerkosten, komt er een regeling waar scholen aanspraak op kunnen maken.

3.3 Veilige toekomst voor kinderen

Kinderen moeten een veilige toekomst hebben in Den Haag. Daarom doet de gemeente binnen haar verantwoordelijkheid wat mogelijk is om vechtscheidingen, huiselijk geweld en pesten te voorkomen. De ChristenUnie/SGP wil dat de jeugdzorg in de gemeente kinderen die problemen hebben op een goede manier helpt.

Preventie (v)echtscheiding. Samen met ouders, professionals, maatschappelijke organisaties en hulpverleningsinstanties wordt een preventief (v)echtscheidingsbeleid opgesteld door de gemeente. Er is ook tijdig hulp wanneer een echtscheiding onvermijdelijk is geworden. Initiatieven waarbij gezinnen elkaar onderling helpen, zoals Family Factory en Home-Start, worden gesteund.

Ouderschapscurssusen via centra voor Jeugd en Gezin. Een kind is het beste af als de ouders het samen goed hebben, daarom ondersteunen we ouders door ouderschapscursussen via consultatiebureaus aan te bieden. En de geboortezorg moet niet alleen gericht zijn op de lichamelijke voorbereiding op de komst van een kindje.

Tienerouders. Er komt meer preventie in de culturele groepen waar tienerouderschap veel voorkomt. De gemeente biedt tienerouders ondersteuning, zorg en begeleiding.

Signaleren op vroege leeftijd. De centra voor Jeugd en Gezin moeten laagdrempelig en toegankelijk blijven en actief samen werken binnen de wijk (zoals de scholen, huisartsen, vrijwilligersorganisaties, sportverenigingen, sociale wijkteams), zodat de hulp dicht bij de mensen komt en signalen vroegtijdig worden opgepikt.

Tekort jeugdzorgpersoneel snel oplossen. Er komt een actieplan om het tekort aan personeel in de jeugdzorg snel op te lossen.

Geen wachtlijsten.  Er zijn zo min mogelijk wachtlijsten bij zorgaanbieders die complexe problemen bij kinderen en jongeren behandelen. Als een korte tussenperiode voor plaatsing nodig is, is tussentijds altijd begeleiding aanwezig.

Ook kinderen hebben recht op PGB. Ouders en gezinnen worden actief gewezen op de mogelijkheid om via een Persoonsgebonden Budget identiteitsgebonden of specialistische zorg in te kunnen kopen.

Eén gezin, één plan. Multiprobleemgezinnen zijn gebaat bij een integrale aanpak waarin betrokken hulpverleningsinstanties nauw samenwerken. De aanpak is dan: één gezin, één plan, één coördinator.

Soepele overgang zorg voor 18-jarigen. Iedere jongere krijgt hulp op maat via de jeugdzorg. Wie 18 jaar wordt en formeel niet meer onder jeugdzorg valt, wordt niet zomaar aan zijn lot overgelaten. De gemeente zorgt voor een naadloze aansluiting en samenwerking tussen begeleiding op het gebied van jeugdhulp, onderwijs/werk en maatschappelijke ondersteuning. Ook na de 18e verjaardag is een pleegzorgvergoeding mogelijk.

Voldoende pleeggezinnen. De gemeente ondersteunt de werving van pleegouders, zodat kinderen, als dat wenselijk is opgevangen kunnen worden in hun eigen omgeving.

Voorkom sexting en grooming.  Er komt voorlichting over digiveiligheid op scholen en aan ouders. Kinderen leren bewust en veilig omgaan met internet en sociale media.

Voorkom depressie en suïcide. De gemeente stimuleert en bevordert psychische gezondheid bij kinderen en ouders, en zet extra in op het voorkomen van depressies en suïcide onder jongeren.

Aandacht voor kinderen die het moeilijk hebben. Als een kind het thuis moeilijk heeft, hoeft het niet direct naar een pleeggezin.  Tussen thuis wonen en pleegzorg bestaan tussenvormen, waarin een gezin een ander gezin ‘adopteert’ door op bepaalde tijden bij te springen, zoals Home-Start.

Slimmer jeugdhulp inkopen. Bij de inkoop van (specialistische) jeugdhulp moeten diversiteit en keuzevrijheid kernwaarden zijn. Een breed pallet aan aanbieders die voldoen aan de kwaliteitseisen geeft ruimte aan diversiteit. Gecombineerd met langere inkoopperiodes (drie jaar) geeft dit ook alle ruimte voor visie en vernieuwing mét de aanbieders in plaats van veel aanbestedingsbureaucratie en korte-termijnconcurrentie.

3.4 Kindermishandeling en huiselijk geweld

Kinderen hebben het recht om veilig te zijn, om beschermd te worden tegen kindermishandeling. De gevolgen van mishandeling zijn groot. Daarom is het belangrijk dat er extra wordt ingezet op het voorkomen, signaleren en stoppen van kindermishandeling.

Bekendheid Veilig Thuis en Centrum Seksueel Geweld vergroten. Veilig Thuis, het advies- en meldpunt voor huiselijk geweld en kindermishandeling, en het Centrum Seksueel Geweld moeten laagdrempelig bereikbaar en bij iedereen bekend zijn.

Integrale preventie en hulp. De ChristenUnie/ SGP zet zich in voor een aanpak kindermishandeling waarin aandacht is voor preventie en voor het versterken van de interactie tussen kind, verloskunde, onderwijs, wijkteam en Veilig Thuis.

Veilige en voldoende opvang. Voor slachtoffers van huiselijk geweld moet er passende hulp en een veilige opvang zijn. Opvang het liefst op een plek waar alle hulp onder een dak geboden kan worden, zoals een Family Justice Centre. Er wordt gezorgd voor voldoende blijf-van-mijn-lijf-huizen.

Gebiedsverbod voor daders huiselijk geweld. Er komt een gebiedsverbod voor daders van huiselijk geweld zodat slachtoffers zich veilig kunnen voelen in hun eigen buurt.

Risico-inschatting. Al bij de zwangerschap vindt er screening plaats op hoog risicosituaties.

Aanpakken schijnhuwelijken. Er wordt strenger gehandhaafd op informele huwelijken. Ook moet de politie duidelijk weten wat zij moeten doen als een vrouw of man melding wil doen van een onwettig huwelijk.

3.5 Spelen in de stad

Het is belangrijk dat de stad een plek is waar kinderen veilig kunnen spelen, in de buurt van waar ze wonen. Daarom wil de ChristenUnie/SGP dat Den Haag de beste ‘speelstad’ wordt van Nederland. 

Kinderen spelen op loopafstand. Speelterreinen en speeltoestellen moeten op een goede manier over de gemeente worden verdeeld: kinderen moeten op loopafstand kunnen spelen en bewegen.

In elke wijk is iets te doen. Kinderen van alle leeftijden moeten een plek hebben in de openbare ruimte van de wijk. Zo kunnen we bijvoorbeeld voorkomen dat tieners hangen op speelplekken voor kleine kinderen.

Meer bewonersparticipatie bij speelplekken. Er wordt meer ingezet op participatie uit de buurt om toezicht te houden bij speelplekken en deze te onderhouden.

Bewoners meer regie bij (her)inrichting en onderhoud. Bewoners mogen nadrukkelijker meedenken bij herinrichtingen van buurten. Er wordt geïnventariseerd of bewoners zelf het groen in de wijk kunnen en willen onderhouden. Als de bewoners dit zelf doen, wordt de kwaliteit van het groen hoger en de wijk leuker: de wijk wordt beter onderhouden en het versterkt de sociale samenhang.

Hondenpoep. De bestrijding van de honden-poepoverlast heeft prioriteit.

3.6 Stimulerende studentenstad

Den Haag kent verschillende hogescholen en (vestigingen van) universiteiten, maar heeft nog niet de beleving van een echte studentenstad. Het is belangrijk om studenten te verbinden aan elkaar en aan de maatschappij. Studentenverenigingen zijn een belangrijk onderdeel van het studentenleven.

Bruisend verenigingsleven en bestuursbeurzen. Het verenigingsleven voor studenten wordt onder meer gestimuleerd via beurzen voor bestuurs- en vrijwilligerswerk. Het is onacceptabel dat bestuursleden van verenigingen op levensbeschouwelijke grondslag geen gebruik mogen maken van dergelijke beurzen.

Haagse introductieweek. Er komt in overleg met bestaande initiatieven een brede Haagse introductieweek voor alle studenten die aan het nieuwe schooljaar beginnen, om hen op een goede manier kennis te laten maken met de instelling waaraan ze studeren, maar ook met Den Haag.

Haagse studiedag. Den Haag organiseert jaarlijks een Haagse studiedag, waarop middelbare scholieren die voor een studiekeuze staan kennis kunnen maken met de opleidingen en onderwijsinstellingen van Den Haag.

Handen uit de mouwen. De gemeente Den Haag organiseert in samenwerking met de Haagse onderwijsinstellingen en studentenverenigingen de Haagse Studentenklusdag, waarop alle Haagse studenten met een dag vrijwilligerswerk iets terugdoen voor de stad.

Woningen voor studenten. Er komen meer betaalbare (onzelfstandige) studentenwoningen, om de woningnood bij (internationale) studenten te verlagen. Ook wordt hierbij meer ingezet op vormen van co-housing.